
Cornelis wordt op 20 september 1864 in Gorcum geboren. Met ouders en 4 broers en
zussen vertrekt hij in 1878 naar Amsterdam, waar zijn artistieke opleiding aanvangt.
In 1885 verhuist het gezin naar Nieuwer-
Opleiding
In Amsterdam, in 1878 – Cornelis wordt dan 14 jaar – studeert hij een tijdlang aan de Quellinusschool. Hij vindt op de die school onderwijzers die hem stimuleren om in de richting van het schilderen van de natuur te volgen. Hij wil ook een buitenschilder zijn. Cornelis vervolgt zijn studies op het atelier van zijn vader, die ook kunstschilder is. Of Cornelis aardt naar zijn vader…? Hij heeft van zijn vader niet veel overgenomen, alleen de liefde voor het schilderen. Na 1893 zet de leerling zijn verdere persoonlijke vorming geheel zelfstandig voort. In de latere jaren geeft Kuypers ook zelf schilderlessen.
Technieken
Het werk van Kuypers bestaat uit tekeningen, aquarellen en schilderijen. De aquarellen zijn fraai uitgewerkt, aanvankelijk eerder lyrisch dan krachtig en koloristisch. De aquarellen stammen vooral uit zijn vroege periode, in Rijswijk: ietwat verdroomde koolveldjes, moestuinen en boerenhuisjes. Maar ook uit de Renkumse tijd zijn ze nog bekend. Echter, de schilder in olieverf, zou toch spoedig in hem overvleugelen. Zijn ontwikkeling als schilder voltrekt zich zodra hij het Hollandse landschap verlaat en zich in het Gelderse vestigt. De olieverfschilderijen zijn doorgaans op linnen geschilderd, soms geplakt op paneel (Marouflé), in uiteenlopende formaten.
Het Werk
Als schilder is Kuypers een epigoon van het impressionisme, van de Haagse School. Elke meester heeft een aantal voorgangers op wier stijl de zijne is terug te voeren. En als men een uitgangs punt zou willen zoeken, dan zou je die kunnen zoeken bij Willem Maris, De Bock, Poggenbeek en Bastert. Maar Kuypers is een onafhankelijke schilder. De herkenbaarheid van zijn werk is groot. Zijn werk springt eruit, door stemming, de pâte van de verflaag met zijn lichteffecten en vooral door een volstrekt eigen koloriet. Vooral de smaragdgroene weiden, met bloemplekken, gele en mauve verftoetsen springen eruit. Cornelis Kuypers is een landschapsschilder. Landschappen met slootjes, knotwilgen en populieren, plassen met boorden van riet, landschappen met rivieren en tjalken, met bospartijen en beken, hakhout. Vaak zijn die landschappen gestoffeerd met werkers, boeren, vissers en houthakkers. En ten slotte zijn er de dorpsgezichten, straatjes en boerderijen. Na het lange en in zijn ontwikkeling essentiële verblijf in Renkum, trekt de schilder weer westwaarts, naar Den Haag en Rijswijk, om tenslotte zijn laatste verblijfplaats te vinden in Soest. Weer dat tweeledige, als in Renkum. Soest, grenzend aan het bosgebied van de Utrechtse heuvelrug en nabij de weiden en plassen van Loosdrecht en Kortenhoef.
Cornelis Kuypers sterft op 30 oktober 1932 aan een hartaanval in de Soester sociëteit.
